ECLI:NL:CRVB:2005:AT6412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding restschade militair na ongeval tijdens vredesmissie
Betrokkene, voormalig voertuigcommandant, raakte op 3 juni 1995 ernstig gewond door een antitankraket tijdens een vredesmissie in voormalig Joegoslavië. Hij ontving een invaliditeitspensioen van 140% en diverse voorzieningen. Na een afwijzing van zijn verzoek tot vergoeding van restschade, stelde de rechtbank de Staatssecretaris in het ongelijk wegens schending van het motiveringsbeginsel.
De Staatssecretaris nam een nieuw besluit dat het beroep van betrokkene opnieuw ongegrond verklaarde. De Raad oordeelt dat artikel 115 van Pro het Algemeen militair ambtenarenreglement (AMAR) een discretionaire bevoegdheid geeft tot vergoeding naar billijkheid, maar geen aanspraak op volledige schadeloosstelling inhoudt. De Raad bevestigt dat de bestaande rechtspositionele voorzieningen ruimhartig zijn toegepast.
Betrokkene stelde dat de Staatssecretaris aansprakelijk is, mede op grond van goed werkgeverschap, maar de Raad wijst dit af omdat geen sprake is van een fout of schending van zorgplicht door de Staatssecretaris of diens ondergeschikten. Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het nieuwe besluit bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit van de Staatssecretaris bevestigd.