ECLI:NL:CRVB:2005:AT5918
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van een WAO-uitkering per 17 juli 2000, omdat haar arbeidsongeschiktheid volgens haar klachten hoger zou zijn dan vastgesteld.
De rechtbank Middelburg heeft het beroep ongegrond verklaard, waarbij is geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en het belastbaarheidspatroon juist was vastgesteld. De Raad voor de Rechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en bevestigd dat de belastbaarheid correct is vastgesteld en dat er geen urenbeperking nodig is.
De Raad baseert zich op rapportages van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts, die de mate van arbeidsongeschiktheid op minder dan 15% hebben vastgesteld. Appellante heeft onvoldoende concrete informatie aangeleverd om dit oordeel te weerleggen.
Daarom wordt de weigering van de WAO-uitkering bevestigd en het hoger beroep verworpen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.