ECLI:NL:CRVB:2005:AT5516
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid ontslag ambtenaar ondanks verstoorde verhoudingen en compensatiegeschil
Appellante, werkzaam als hoofd van een afdeling binnen de gemeente Amsterdam, werd ontslagen wegens onverenigbaarheid van karakters na langdurige verstoorde verhoudingen met haar nieuwe directeur. Na ziekteverzuim en mislukte vertrekonderhandelingen verleende de gemeente haar ontslag met een vergoeding.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente overwegend schuld had aan de verstoorde verhoudingen en kende een aanvullende financiële compensatie toe. Appellante ging in hoger beroep omdat zij vond dat de vergoeding onvoldoende was en eiste volledige compensatie van haar salaris en pensioenopbouw tot haar 65e.
De Raad stelt vast dat ook appellante in beperkte mate heeft bijgedragen aan de verstoorde situatie en bevestigt het oordeel van de rechtbank over de verdeling van schuld. De Raad acht de door de rechtbank toegekende vergoeding inclusief compensatie voor gemiste pensioenopbouw en carrièrebreuk passend.
De Raad wijst het beroep van appellante af en bevestigt het ontslagbesluit met de toegekende vergoeding als rechtmatig. Er is geen aanleiding voor extra schadevergoeding. Daarmee is het geschil over de hoogte van de compensatie definitief beslecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag en oordeelt dat de toegekende vergoeding passend is.