ECLI:NL:CRVB:2005:AT5404
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over WAO-uitkering wegens ernstige psychische klachten chauffeur
Appellant, een chauffeur met ernstige psychische klachten, kreeg aanvankelijk een gedeeltelijke WAO-uitkering toegekend. Na een ziekmelding vanuit de WW wegens toename van klachten, werd hij door verzekeringsartsen als arbeidsgeschikt beschouwd voor de geduide functies, wat leidde tot afwijzing van zijn beroep. Appellant stelde dat het oordeel van zijn behandelend psychiater Van der Linden, die sprak van een ernstige chronische depressie en algeheel onvermogen, onvoldoende was meegewogen.
De Centrale Raad van Beroep benoemde daarom een onafhankelijke psychiater, R. Tonneijck, die na eigen onderzoek concludeerde dat appellant inderdaad niet in staat was de werkzaamheden te verrichten vanwege een ernstige depressieve stoornis en persoonlijkheidsstoornis. De Raad hechtte doorslaggevende waarde aan dit oordeel, ondanks het verweer van de verzekeringsarts Ruitenberg.
Op grond van deze bevindingen vernietigde de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank die het besluit in stand hield. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) werd opgedragen een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met het onafhankelijke psychiatrische oordeel. Tevens werd het Uwv veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het Uwv moet een nieuw besluit nemen op basis van het onafhankelijke psychiatrische oordeel.