ECLI:NL:CRVB:2005:AT5017
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen van besluiten tot bijstandsverlening ondanks nieuw feit
Appellant verzocht de Raad om terug te komen op eerdere besluiten van 1994 en 1995 waarin bijstandsuitkering werd geweigerd. Hij stelde dat hij destijds met instemming van het bevoegde gezag in Nederland verbleef, wat een nieuw feit zou zijn. De rechtbank had het beroep tegen het besluit van 10 oktober 2002 gegrond verklaard wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht, maar de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten.
De Raad overwoog dat bij herhaalde aanvragen het oorspronkelijke besluit uitgangspunt is en dat alleen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden aanleiding kunnen geven tot herziening. Hoewel het verblijf met instemming als nieuw feit werd erkend, vond de Raad dat dit geen reden was om het oorspronkelijke besluit te herzien.
Belangrijk was dat niet was gebleken dat in de betreffende periode niet in de noodzakelijke kosten van het bestaan was voorzien of dat er aantoonbare schulden waren ontstaan die tot terugbetaling verplichtten. Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
De Raad zag ook geen aanleiding om appellant in de proceskosten te veroordelen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering om terug te komen op eerdere besluiten tot bijstand wordt bevestigd.