ECLI:NL:CRVB:2005:AT5001
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en WAO-uitkering bij rug- en psychische klachten
Appellante, met rug- en psychische klachten, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering toegekend die later werd ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou zijn. Na bezwaar en beroep werd de mate van arbeidsongeschiktheid herzien naar 35-45%, maar het bezwaar tegen intrekking van de uitkering bleef ongegrond.
In hoger beroep stond centraal of appellante in staat was om 32 uur per week arbeid te verrichten, zoals door het UWV gesteld, of slechts 24 uur, zoals appellante betoogde. Medische rapporten van verzekeringsartsen, waaronder een uitgebreid rapport van Argonaut BV, werden beoordeeld.
De Raad concludeerde dat het eerdere medische onderzoek en de rapporten van de bezwaarverzekeringsarts een zorgvuldige basis vormen om te oordelen dat appellante fysiek en psychisch belastbaar is voor 32 uur per week, ondanks haar klachten. Het rapport van Argonaut BV, dat een beperking tot 24 uur adviseerde, werd niet als doorslaggevend beschouwd omdat het uitgaat van andere beoordelingscriteria dan de WAO.
De Raad bevestigde daarom het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering en wees het hoger beroep af. Er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd.