ECLI:NL:CRVB:2005:AT4775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens geschiktheid voor passende functies
Appellant kreeg zijn WAO-uitkering ingetrokken per 14 december 2000 wegens een arbeidsongeschiktheidspercentage van minder dan 15%. Hij maakte bezwaar en ging in beroep tegen deze beslissing. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De kern van het geschil betrof de medische en arbeidskundige beoordeling van de geschiktheid van appellant voor bepaalde functies, ondanks zijn hartklachten en energetische beperkingen. Appellant stelde dat deze beperkingen onderschat waren en dat de voorgehouden functies te belastend waren, met name de functie van printplaatmonteur.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling, waaronder het belastbaarheidspatroon opgesteld door de verzekeringsarts, zorgvuldig was gemaakt en rekening hield met de beperkingen van appellant. Er waren geen medische gegevens die een ernstiger beperking aannemelijk maakten. Ook de overschrijding van de belastbaarheid bij het reiken in de functie printplaatmonteur was voldoende toegelicht door de arbeidsdeskundige en vormde geen ontoelaatbare relativering.
Daarom kon het bestreden besluit in rechte stand houden en werd de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro en verklaarde het bezwaar ongegrond.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor de voorgehouden functies.