ECLI:NL:CRVB:2005:AT4332
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand voor niet-levensvatbaar kapsalon bevestigd
Appellant heeft bijstand aangevraagd voor bedrijfskapitaal en noodzakelijke kosten voor het starten van een kapsalon. Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees deze aanvraag af omdat het plan niet levensvatbaar werd geacht. De Raad verwijst naar het onderzoek van het ondernemingsplan, waarbij gebruik is gemaakt van branche-informatie van de Rabobank en de Koninklijke Algemene Nederlandse Kappersorganisatie.
De Raad concludeert dat de begrotingen van appellant, zoals een te hoge brutowinstmarge en omzet per arbeidskracht, en de relatief hoge huisvestingskosten, niet aansluiten bij de branchegegevens. Hierdoor is het bedrijf niet levensvatbaar. De stelling van appellant dat hij op basis van informatie van een medewerker van gedaagde mocht vertrouwen op een gunstig besluit, wordt verworpen wegens gebrek aan bewijs van schending van het vertrouwensbeginsel.
De Raad bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank en ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De aanvraag bijstand voor het starten van een kapsalon wordt afgewezen wegens het ontbreken van een levensvatbaar bedrijfsplan.