ECLI:NL:CRVB:2005:AT4329
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek kwijtschelding schuld renteloze voorschotten studiefinanciering
Appellante verzocht om kwijtschelding van een schuld uit renteloze voorschotten studiefinanciering over het studiejaar 1980/1981. Dit verzoek werd door de Informatie Beheer Groep afgewezen, waarna ook het bezwaarschrift en het beroep bij de rechtbank ongegrond werden verklaard.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante vanaf 1990 op de hoogte was van de schuld en dat het verzoek terecht is opgevat als een verzoek om kwijtschelding. De Raad bevestigt dat de Wet op de studiefinanciering (WSF) geen voorziening kent voor kwijtschelding achteraf, maar een systeem van jaarlijkse draagkrachtmeting hanteert. De aflosfase voor appellante begon op 1 januari 1988 en de periode van 15 jaar draagkrachtmeting was nog niet verstreken.
Er zijn geen bijzondere omstandigheden vastgesteld die kwijtschelding rechtvaardigen, zoals een terminale ziekte. De situatie van appellante, die jarenlang van een bijstandsuitkering leefde, was ten tijde van het verzoek niet meer actueel. Tevens is het beroep op verjaring niet toewijsbaar binnen de bestuursrechtelijke procedure. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Verzoek om kwijtschelding van de studieschuld uit renteloze voorschotten wordt afgewezen en uitspraak rechtbank bevestigd.