ECLI:NL:CRVB:2005:AT3941
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling eerste arbeidsongeschiktheidsdag en maatmaninkomen zelfstandige
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar inzake de vaststelling van zijn eerste arbeidsongeschiktheidsdag en de berekening van zijn maatmaninkomen voor de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ).
De Raad oordeelt dat de door gedaagde vastgestelde eerste arbeidsongeschiktheidsdag van 10 oktober 2000 juist is, mede omdat appellant deze datum zelf heeft opgegeven en de bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig onderzoek heeft verricht. Er is geen medisch bewijs dat appellant eerder arbeidsongeschikt was.
Verder bevestigt de Raad de methode voor het bepalen van het maatmaninkomen, waarbij de netto-winst van de drie volle boekjaren voorafgaand aan het jaar van arbeidsongeschiktheid wordt gebruikt, geïndexeerd naar de datum van arbeidsongeschiktheid. Het betoog van appellant om het boekjaar 1999 buiten beschouwing te laten vanwege een slechtere gezondheid wordt verworpen.
De Raad vindt geen aanleiding om af te wijken van de vaste jurisprudentie en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er zijn geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De niet-medisch onderbouwde mening van appellant over zijn gezondheidstoestand wordt niet gevolgd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag op 10 oktober 2000 en de berekening van het maatmaninkomen op basis van de drie voorafgaande boekjaren.