ECLI:NL:CRVB:2005:AT3882
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verschoonbaarheid termijnoverschrijding bij bezwaarschrift tegen terugvordering WAO-uitkering
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarin een bedrag van €4.630,53 werd teruggevorderd wegens ten onrechte betaalde WAO-uitkering. Het bezwaarschrift werd per gewone post ingediend, maar niet binnen de wettelijke termijn van zes weken ontvangen door gedaagde. Appellante stelde dat het bezwaarschrift tijdig was verzonden en dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege gebrekkige postregistratie bij gedaagde.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond wegens niet-tijdige ontvangst en het ontbreken van bijzondere omstandigheden die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad overwoog dat het risico van niet-ontvangst bij gewone post voor rekening van appellante komt en dat bewijs van tijdige verzending ontbrak. Verder werd geoordeeld dat de aangevoerde omstandigheden niet leiden tot een verschoonbare termijnoverschrijding, omdat niet aannemelijk is dat appellante niet in verzuim was.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit terecht is genomen en dat het bezwaar niet-ontvankelijk moet worden verklaard. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Haarlem wordt bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is niet tijdig ontvangen en de termijnoverschrijding is niet verschoonbaar, waardoor het bezwaar niet-ontvankelijk is verklaard.