ECLI:NL:CRVB:2005:AT2874
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen die het bezwaar ongegrond verklaarde omdat appellant de wettelijke termijn van zes weken voor het indienen van het bezwaarschrift niet had nageleefd.
De Centrale Raad van Beroep heeft het geschil behandeld en onderschrijft de overwegingen van de rechtbank. De omstandigheden die appellant aanvoert, zoals het overlaten van het bezwaar aan een boekhouder, geringe ervaring met de materie en een drukke baan, worden niet als verschoonbare redenen voor de termijnoverschrijding beschouwd.
De Raad ziet geen gronden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van gedaagde om het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren blijft in stand.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.