ECLI:NL:CRVB:2005:AT1532
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WAZ-uitkering wegens ontbreken arbeidsbeperkingen niet gerechtvaardigd
Gedaagde ontving een arbeidsongeschiktheidsuitkering (AAW/WAZ) vanwege slaapstoornissen en gerelateerde beperkingen. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) beëindigde de uitkering per 30 december 1998 op grond van een medisch oordeel dat geen op ziekte of gebrek terug te voeren arbeidsbeperkingen meer bestonden.
De rechtbank Amsterdam vernietigde dit besluit wegens onvoldoende onderzoek naar psychiatrische beperkingen, een oordeel dat in hoger beroep door de Centrale Raad van Beroep werd bevestigd. De Raad liet een onafhankelijke psychiater rapporteren, die matige depressieve stoornissen en beperkingen in concentratie en werktempo vaststelde.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit berust op een onjuiste medische grondslag en dat het Uwv een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de bevindingen. Tevens werd het Uwv veroordeeld tot vergoeding van schade en proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de WAZ-uitkering wordt vernietigd en het Uwv dient een nieuw besluit te nemen rekening houdend met psychiatrische beperkingen.