ECLI:NL:CRVB:2005:AS9914
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- A.Q.C. Tak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en ontslag wegens disfunctioneren ambtenaar Universiteit van Amsterdam
Appellant was sinds 1990 werkzaam als research laboratoriummedewerker aan de Universiteit van Amsterdam en had een langdurige conflictueuze relatie met zijn leidinggevenden. Na een moeizaam functioneringsgesprek in 1999 werden beoordelingsbesluiten genomen over zijn functioneren in de periode juni 1996 tot oktober 1999 en november 1999 tot juli 2000, die beide negatief waren en na bezwaar werden gehandhaafd.
Op grond van deze beoordelingen verleende het College van Bestuur appellant eervol ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid, anders dan op grond van ziekte. Appellant voerde aan dat de beoordelingsperiode ten onrechte retrospectief en te lang was vastgesteld, dat hij niet tekort was geschoten in zijn functioneren en dat het herplaatsingsonderzoek niet zorgvuldig was uitgevoerd.
De Raad oordeelde dat het bestuursorgaan niet in strijd met rechtsregels had gehandeld door retrospectief een beoordelingsperiode vast te stellen en dat de langere beoordelingsperiode niet onrechtmatig was. De negatieve beoordelingen waren voldoende onderbouwd, ondanks dat de werksfeer gespannen was en er sprake was van stereotypering. Het herplaatsingsonderzoek was tijdig en zorgvuldig verricht, waarbij rekening was gehouden met de beperkte mogelijkheden binnen het gezagsbereik.
De Raad concludeerde dat het ontslagbesluit op rechtmatige gronden was genomen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Haarlem. Er werd geen vergoeding van proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag wegens disfunctioneren en handhaaft de beoordelingsbesluiten.