ECLI:NL:CRVB:2005:AS7565
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- M.C.M. van Laar
- C.M. van Wechem
- Rechtspraak.nl
Beoordeling proceskostenveroordeling en wettelijke rente bij bezwaarprocedure UWV
Appellant stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op bezwaarschriften gericht op schadevergoeding en wettelijke rente over kosten van een bezwaarprocedure bij het UWV. De rechtbank had een schadevergoeding vastgesteld, maar liet de wettelijke rente buiten beschouwing, wat in strijd was met artikel 8:69, eerste lid, van de Awb.
De Raad oordeelt dat de vastgestelde schadevergoeding door de rechtbank redelijk is en bevestigt deze. De rechtbank had echter moeten beslissen over de gevorderde wettelijke rente, hetgeen de Raad nu corrigeert door de rente vast te stellen op het reeds betaalde bedrag. Daarnaast verklaart de Raad appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor de schadevergoeding over de aangevulde bezwaarprocedure, omdat het onderliggende schrijven geen besluit in de zin van de Awb is.
Verder wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep. De Raad volgt de rechtbank in de toepassing van het puntensysteem voor de proceskosten, maar past de punten en wegingsfactoren aan, waardoor een hogere vergoeding wordt toegekend. Het geschil betreft vooral de hoogte van de vergoeding en de toepassing van de Awb-wetgeving op de procedurekosten.
Uitkomst: De Raad vernietigt het vonnis voor het niet beslissen over wettelijke rente, bevestigt de redelijke schadevergoeding en veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten.