ECLI:NL:CRVB:2005:AS7539
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M.C.M. van Laar
- C.M. van Wechem
- Rechtspraak.nl
Bevestiging privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen transportbedrijf en chauffeur
Appellante, een coördinator van transport voor Farm Frites, voerde hoger beroep tegen een uitspraak die correctienota's en boetenota's bevestigde wegens niet-verantwoorde betalingen aan een chauffeur, [eigenaar onderneming].
De Raad oordeelde dat het bezwaar tegen het zorgvuldigheidsbeginsel niet slaagt omdat appellante zelf een minder ervaren gesprekspartner aan de looninspecteur gaf en geen inhoudelijke correcties op het looncontrolerapport aanvoerde. Subsidiair werd vastgesteld dat tussen appellante en [eigenaar onderneming] een privaatrechtelijke dienstbetrekking bestond, mede door het ontbreken van een eigen vergunning, de instructie- en gezagsrelatie, de persoonlijke verplichting tot uitvoering van werkzaamheden en de vaste financiële vergoeding.
De Raad bevestigde het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en verwierp het hoger beroep, waarbij ook de boetenota's en de registratie van het verzuim werden gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het besluit van het Uwv bevestigd.