ECLI:NL:CRVB:2005:AS6262
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig keukenhulp, vroeg een WAO-uitkering aan wegens knieklachten. Gedaagde weigerde de uitkering omdat appellant na de wettelijke wachttijd minder dan 15% arbeidsongeschikt was. De bezwaarprocedure en rechtbank bevestigden dit besluit.
Medische rapporten van verzekeringsarts Blanker en bezwaarverzekeringsarts Kokenberg concludeerden dat de knieklachten niet objectief fors waren en dat appellant mogelijk aggravatie vertoonde. Arbeidsdeskundige Grund en Van Mastrigt stelden dat de functies die appellant kon verrichten opleidingsniveau 1 vereisten en geschikt waren voor zijn capaciteiten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat geen nieuwe medische informatie was aangeleverd die het oordeel zou kunnen veranderen. Ook de arbeidskundige onderbouwing werd als aannemelijk beschouwd. Daarom werd het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.