ECLI:NL:CRVB:2005:AS6261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, werkzaam als productiemedewerkster, viel uit wegens lichamelijke en psychische klachten. Na onderzoek door verzekeringsarts en arbeidsdeskundige stelde het UWV vast dat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt was en weigerde de WAO-uitkering. De rechtbank onderschreef deze medische en arbeidskundige beoordeling en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep handhaafde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad nam kennis van aanvullende medische informatie, waaronder brieven van huisarts, neuroloog en GGZ, maar vond geen nieuwe objectieve medische gronden die tot een ander besluit konden leiden. Ook de arbeidskundige beoordeling werd bevestigd.
De Raad wees erop dat psychosociale problemen deels samenhangen met sociale omstandigheden en dat beperkingen in psychische belastbaarheid niet verder konden worden uitgebreid dan vastgesteld. De grieven van appellante richtten zich alleen op het inhoudelijke oordeel, maar slaagden niet. De aangevallen uitspraak werd bevestigd zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.