ECLI:NL:CRVB:2005:AS1901
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering invaliditeitspensioen en WAO-uitkering met terugwerkende kracht
De appellant maakte bezwaar tegen besluiten waarbij met terugwerkende kracht zijn invaliditeitspensioen en WAO-conforme uitkering werden gewijzigd en teruggevorderd vanwege teveel betaalde bedragen. Dit volgde op een eerdere rechterlijke uitspraak die de intrekking van zijn AAW/WAO-uitkering per 1 juni 1995 onrechtmatig had geoordeeld, waarna de situatie van samenloop van uitkeringen werd hersteld.
De rechtbank had gedaagden gerechtigd geoordeeld tot herberekening en terugvordering, waarbij een deel van het terug te vorderen bedrag onvoldoende was gespecificeerd. De Raad bevestigt dat appellant bekend was met de samenloopbepalingen en dat het terugvorderen niet in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel. Tevens oordeelt de Raad dat de termijn voor terugvordering correct is toegepast vanaf het moment dat het onverschuldigd karakter van betalingen vaststond.
In een nader besluit is een uitgebreide specificatie van het terug te vorderen bedrag gegeven, waarvan de Raad de juistheid niet betwist. Het beroep van appellant tegen dit besluit wordt ongegrond verklaard. Ook wordt geen vergoeding van proceskosten toegekend.
De uitspraak van de rechtbank wordt daarmee bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van teveel betaalde uitkeringen bevestigd.