ECLI:NL:CRVB:2004:AR8499
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.J.W. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant verzocht om een WAO-uitkering, maar deze werd geweigerd omdat hij op de peildatum, 21 maart 2001, minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) baseerde dit op medische en arbeidskundige beoordelingen.
Appellant voerde aan dat zijn psychische klachten ernstiger waren dan erkend, mede veroorzaakt door persoonlijke omstandigheden zoals het verlaten van zijn gezin en dakloosheid. Hij overhandigde medische verklaringen van psychiater R. Soylu en het psycho-medisch centrum Parnassia.
De Raad oordeelde dat de medische gegevens, waaronder die van Parnassia, geen aanwijzingen bevatten voor een zwaardere psychiatrische stoornis dan reeds vastgesteld. De latere verklaring van psychiater Soylu werd niet overtuigend geacht voor de situatie op de peildatum. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank dat appellant niet arbeidsongeschikt genoeg was voor een WAO-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid op de peildatum.