ECLI:NL:CRVB:2004:AR7848
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende bewijs oorlogsgeweld
Eiseres heeft een verzoek ingediend om erkend te worden als burger-oorlogsslachtoffer en in aanmerking te komen voor een toeslag op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Zij baseert haar aanvraag op gebeurtenissen tijdens de Japanse bezetting en de Bersiap-periode, waaronder het verlaten van hun huis, verblijf in een gebouw op een suikeronderneming, angst voor oppakken door Japanners, bombardementen en evacuatie naar een beschermingskamp.
Verweerster heeft het verzoek afgewezen omdat niet is aangetoond dat eiseres direct is getroffen door oorlogsgeweld zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet. De Raad oordeelt dat het verblijf in Oemboelan niet als internering kan worden aangemerkt en dat de evacuatie niet onder levensbedreigende omstandigheden heeft plaatsgevonden. Ook is onvoldoende bewijs voor directe betrokkenheid bij de gevechten rond de Kepandjenkerk.
Eisers beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de erkenning van haar zuster gebaseerd is op andere feiten, namelijk verkrachting door Japanse militairen. De Raad verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt geen van de partijen in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van oorlogsgeweld.