ECLI:NL:CRVB:2004:AR4671
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.M. van Wechem
- Rechtspraak.nl
Hoogte dagloon bij ziektewetuitkering en toepassing evenredigheidsfactor
De zaak betreft de hoogte van het dagloon waarop een ziektewetuitkering is gebaseerd. Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv), had een uitkering toegekend aan gedaagde gebaseerd op een dagloon met toepassing van een evenredigheidsfactor volgens artikel 8, lid 1, onder d, van de Algemene dagloonregelen Ziektewet (ADR ZW). Gedaagde betwistte deze toepassing.
De rechtbank had het bezwaar van gedaagde tegen het besluit van appellant deels gegrond verklaard en het besluit vernietigd omdat de evenredigheidsfactor onjuist was toegepast. De Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat de evenredige vermindering op grond van artikel 8, lid 1, onder a, van de ADR ZW moet worden toegepast, omdat gedaagde gemiddeld minder uren werkte dan het normale aantal uren per week.
De Raad overweegt dat het arbeidspatroon van gedaagde niet duidt op eigen verkiezing om afwisselend wel en niet te werken, maar dat zij gemiddeld minder uren werkte. Daarom is een evenredige vermindering op grond van onder a passend. De Raad beveelt appellant aan een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak en het verbod van reformatio in peius. De proceskostenveroordeling wordt achterwege gelaten.
Uitkomst: De evenredigheidsfactor moet worden toegepast op grond van artikel 8 lid 1 onder a van de ADR ZW; het eerdere besluit wordt vernietigd.