ECLI:NL:CRVB:2004:AR4449
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening uitkeringsbesluit AAW en WAO wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, voormalig werkloze inkoper, vroeg herziening van een eerder toegekend AAW- en WAO-uitkeringsbesluit uit 1996, met terugwerkende kracht tot 1995, op grond van vermeende toegenomen arbeidsongeschiktheid. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) weigerde dit verzoek omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die het oorspronkelijke besluit onjuist maakten.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de medische stukken onvoldoende waren om het eerdere oordeel van de bezwaarverzekeringsarts te weerleggen. Appellant voerde in hoger beroep geen nieuwe gronden aan, maar herhaalde zijn eerdere standpunten.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat een bestuursorgaan bevoegd is een eerdere afwijzing inhoudelijk te heroverwegen, maar dat de rechter zich bij een bevestiging van die afwijzing moet beperken tot de vraag of er nieuwe feiten of omstandigheden zijn die herziening rechtvaardigen. Omdat appellant geen nieuwe feiten had aangevoerd, werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering tot herziening van het uitkeringsbesluit wordt bevestigd.