ECLI:NL:CRVB:2004:AR4448
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- P.M. Okyay-Bloem
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late betaling griffierecht
Verzoeker stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam. De Raad wees verzoeker op de verschuldigdheid van griffierecht van €205,-, met een acceptgirokaart en een termijn van vier weken om te betalen.
Na het uitblijven van betaling werd verzoeker bij aangetekende brief opnieuw gewezen op de betaling en de consequenties van niet-betaling binnen de gestelde termijn. Tijdens de zitting bleek dat het griffierecht nog niet was voldaan.
De Raad constateerde dat het griffierecht pas op 24 augustus 2004 was bijgeschreven, na de uiterste betaaldatum van 16 augustus 2004. De stelling van verzoekers gemachtigde dat de brief niet was ontvangen werd niet geloofd. De Raad achtte het aannemelijk dat verzoeker in verzuim was en dat het hoger beroep niet-ontvankelijk zou worden verklaard.
Daarom ontbrak de vereiste samenhang tussen het verzoek om voorlopige voorziening en de bodemprocedure, waardoor het verzoek om toepassing van artikel 8:81 Awb Pro niet-ontvankelijk werd verklaard. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om toepassing van artikel 8:81 Awb wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late betaling van het griffierecht.