ECLI:NL:CRVB:2004:AR2688
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel wegens niet voldoen aan sollicitatieplicht WW-uitkering
Appellant werkte tot 26 oktober 2001 als autobandenmonteur op een halfjaarcontract dat niet werd verlengd wegens onvoldoende werkaanbod. Vervolgens ontving hij een WW-uitkering met toeslag. Gedaagde verlaagde het uitkeringspercentage met 20% voor 16 weken omdat appellant niet voldeed aan zijn sollicitatieplicht. Appellant voerde aan dat hij wel degelijk sollicitaties had verricht, waaronder mondelinge en telefonische sollicitaties.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellant onvoldoende had geprobeerd passende arbeid te verkrijgen, waarmee hij de sollicitatieplicht schond. De Raad onderschrijft dit oordeel en stelt vast dat appellant onvoldoende concrete feiten heeft aangevoerd om zijn sollicitatie-inspanningen te bewijzen. De Raad bevestigt de maatregel en wijst het hoger beroep af.
De Raad ziet geen aanleiding proceskosten toe te kennen aan appellant. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 15 september 2004 door M.A. Hoogeveen, in aanwezigheid van griffier P. Boer.
Uitkomst: De maatregel van 20% verlaging van de WW-uitkering wegens niet voldoen aan de sollicitatieplicht wordt bevestigd.