ECLI:NL:CRVB:2004:AR2475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage die de weigering van een WAO-uitkering bevestigde. Het bezwaar was gebaseerd op de beoordeling dat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt was op de datum van beoordeling.
De Raad heeft het bestreden besluit van 28 augustus 2001 bevestigd, waarin het bezwaar van appellant tegen de weigering van de WAO-uitkering ongegrond werd verklaard. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat de belastbaarheid van appellant, vastgesteld door de verzekeringsarts en bevestigd door de bezwaarverzekeringsarts, juist is vastgesteld en dat de geselecteerde functies passend zijn.
Hoewel appellant een verklaring van zijn huisarts overlegd heeft waarin knieklachten worden genoemd, leidt dit niet tot een ander oordeel over zijn belastbaarheid. De medische gegevens zijn voldoende om tot een verantwoord oordeel te komen. De eigen niet-medisch onderbouwde mening van appellant weegt niet zwaar.
De Raad ziet geen reden om artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht toe te passen en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De weigering van de WAO-uitkering blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.