ECLI:NL:CRVB:2004:AR2356
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep wegens termijnoverschrijding bij aanvraag erkenning burger-oorlogsslachtoffer
Eiseres diende in december 2002 een aanvraag in voor erkenning als burger-oorlogsslachtoffer. Verweerster wees deze aanvraag bij besluit van 12 juni 2003 af. Eiseres maakte bezwaar, maar diende dit pas op 30 september 2003 in, na de wettelijke termijn van zes weken zoals voorgeschreven in artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Verweerster verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens deze termijnoverschrijding en vroeg eiseres om een toelichting op de late indiening. Eiseres verwees naar haar eerdere bezwaarschrift, maar gaf geen concrete omstandigheden die de overschrijding konden verontschuldigen. De Raad oordeelde dat verweerster terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde omdat geen verschoonbare redenen waren aangevoerd.
Daarnaast stelde eiseres dat zij niet gehoord was conform artikel 7:2 Awb Pro, maar de Raad vond dat verweerster terecht van het horen kon afzien op grond van artikel 7:3 Awb Pro. De Raad wees het beroep af en kende geen vergoeding van proceskosten toe.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare redenen.