ECLI:NL:CRVB:2004:AR2309
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Bij besluit van 16 november 2001 werd deze uitkering ingetrokken met ingang van 14 januari 2002, omdat de mate van arbeidsongeschiktheid volgens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) minder dan 15% was.
Appellante stelde bezwaar en beroep in tegen deze intrekking, waarbij medische rapportages van huisartsen, neurologen en een psychiater werden overgelegd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en ook in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat het bestreden besluit in stand kon blijven.
De Raad overwoog dat de medische beoordeling zorgvuldig was uitgevoerd door verzekeringsartsen die alle relevante medische informatie hadden betrokken. De psychische klachten die appellante later ontwikkelde, konden geen invloed hebben gehad op de situatie per 14 januari 2002. De Raad vond geen grond om het besluit te vernietigen en bevestigde het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 14 januari 2002 wordt bevestigd wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.