ECLI:NL:CRVB:2004:AQ7416
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Ch.G.J. Olde Kalter
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft een hoger beroep tegen de weigering van een Wajong-uitkering aan een jongere met chronische vermoeidheidsklachten en fysieke beperkingen. De appellant, het UWV, had de uitkering geweigerd op basis van een arbeidskundig onderzoek dat geen arbeidsongeschiktheid vaststelde. De rechtbank had het besluit vernietigd en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad baseert zich op medisch onderzoek en rapporten van deskundigen, waaronder revalidatiearts De Jong, die concludeert dat de gedaagde niet in staat is om een volledige werkweek te werken, maar wel ongeveer 20 uur per week arbeid kan verrichten. De Raad acht het verhaal van de gedaagde consistent en onderbouwd, mede gelet op haar studievoortgang en beperkingen.
De Raad wijst het beroep van het UWV af en bevestigt de eerdere uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten van de gedaagde. Vergoeding van kosten van een eerder ingebrachte CIA-rapportage wordt afgewezen omdat dit buiten het bestreden besluit valt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering en veroordeelt het UWV in de proceskosten.