ECLI:NL:CRVB:2004:AQ4627
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging dagloon bij hernieuwde vaststelling WAO-uitkering
Appellant, werkzaam als ouderenwerker, kreeg een WAO-uitkering toegekend op basis van een vastgesteld dagloon en arbeidsongeschiktheidspercentage. Na uitbreiding van zijn arbeidsuren en een daaropvolgende arbeidsongeschiktheid werd het dagloon herzien. Gedaagde weigerde het dagloon te verhogen omdat de berekening uitging van het oude parttime percentage, zonder rekening te houden met de voorgenomen uitbreiding van arbeidsuren.
De rechtbank oordeelde dat een niet gerealiseerde wijziging in arbeidsuren niet meegenomen kan worden bij de vaststelling van het dagloon. Dit oordeel werd bevestigd door de Centrale Raad van Beroep, die tevens oordeelde dat de wettelijke bepalingen, waaronder artikel 40 WAO Pro en de Algemene dagloonregelen WAO, correct zijn toegepast.
Appellants beroep op artikel 7:643 BW Pro, dat de werkgever verplicht verlof te verlenen, werd verworpen omdat dit niet leidt tot een verplichting tot loonbetaling tijdens verlof. Ook het loondervingsbeginsel van artikel 14 WAO Pro stond een verhoging van het dagloon in dit geval niet toe.
De Raad achtte geen gronden aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Alkmaar.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt afgewezen en het besluit tot weigering van verhoging van het dagloon wordt bevestigd.