ECLI:NL:CRVB:2004:AP3043
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar arbeidsongeschiktheidsklasse 35-45%
Appellant maakte bezwaar tegen de herziening van zijn WAO-uitkering, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid was vastgesteld op 35 tot 45% in plaats van de door hem gewenste hogere klasse van 80 tot 100%. De Raad oordeelde dat de toegenomen arbeidsongeschiktheid voortkomt uit een andere oorzaak dan die waarop de WAO-uitkering is gebaseerd.
De Raad wijst appellant erop dat eerdere uitspraken reeds hebben vastgesteld dat de toekenning van een hogere Waz-uitkering wegens cardiale klachten niet automatisch leidt tot een hogere WAO-uitkering in dezelfde klasse. De rechtbank Assen had dit oordeel onderschreven en verklaarde het beroep ongegrond.
De Raad concludeert dat de bestreden besluiten in overeenstemming zijn met het recht en dat er geen gronden zijn voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De aangevallen uitspraken worden dan ook bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de WAO-uitkering terecht is vastgesteld in de arbeidsongeschiktheidsklasse 35 tot 45%.