ECLI:NL:CRVB:2004:AO9321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking ziekte-uitkering ondanks onvoldoende motivering adviserend geneeskundige
Appellante, die sinds 1995 een ontslaguitkering ontving, kreeg in 1999 een ziekte-uitkering toegekend. Na nader onderzoek besloot de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op 9 december 1999 tot intrekking van deze uitkering. Dit besluit werd na bezwaar gehandhaafd, maar vernietigd door de rechtbank Dordrecht in 2001. Vervolgens werd opnieuw besloten de ziekte-uitkering te beëindigen met terugwerkende kracht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, stellende dat het medische advies zorgvuldig was tot stand gekomen. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de motivering van de adviserend geneeskundige onvoldoende was en dat zij ongelijk werd behandeld omdat personeel in actieve dienst recht heeft op een second opinion.
De Raad overwoog dat appellante niet had verzocht om toepassing van de bedenkingenprocedure en dat er geen medische informatie was die haar standpunt ondersteunde. De Raad volgde de rechtbank en bevestigde het bestreden besluit tot intrekking van de ziekte-uitkering. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de ziekte-uitkering met ingang van 9 december 1999.