ECLI:NL:CRVB:2004:AO8791
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij strafontslag wegens ernstig plichtsverzuim ambtenaar politie
Een politieambtenaar werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder opzettelijke en wederrechtelijke toe-eigening van een deel van het kledingbudget voor privégebruik en poging tot oplichting. De rechtbank Breda vernietigde het ontslagbesluit deels omdat onvoldoende aannemelijk was dat de ambtenaar de intentie had zichzelf te bevoordelen bij de aanschaf van politielaarzen.
De Korpsbeheerder stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep en verzocht om opschorting van de uitspraak van de rechtbank, omdat het vertrouwen in de integriteit van de ambtenaar volledig was verdwenen en herplaatsing onwenselijk was. De voorzieningenrechter oordeelde dat er sprake was van een spoedeisend belang en dat het waarschijnlijk was dat de Raad het ontslag zou handhaven.
De voorzieningenrechter vond dat de ambtenaar zonder overleg laarzen voor zijn vriendin liet aanmeten en de rekening naar de teamadministratie stuurde, zonder de administratie tijdig te informeren, wat neerkwam op een poging tot oplichting. Ook het bestellen van badkleding en damesschoenen voor derden was in strijd met het expliciete verbod op privébestellingen uit het kledingbudget.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het ontslag niet onevenredig was en schorste de uitspraak van de rechtbank Breda, waardoor het ontslagbesluit voorlopig blijft gelden. Tevens werd het betaalde griffierecht aan de Korpsbeheerder vergoed.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het ontslagbesluit blijft voorlopig van kracht.