ECLI:NL:CRVB:2004:AO5472
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ontslag wegens plichtsverzuim bij Stadsdeel Zeeburg
Verzoeker was werkzaam als allround medewerker burgerzaken bij het Stadsdeel Zeeburg en werd ontslagen wegens plichtsverzuim nadat een collega had verklaard dat verzoeker op 26 november 2002 een uittreksel uit het bevolkingsregister verstrekte zonder betaling te registreren. Een onderzoek bevestigde dat er geen betaling was geregistreerd terwijl wel een uittreksel was verstrekt.
Verzoeker werd geschorst en kreeg een disciplinaire straf opgelegd. Hij maakte bezwaar en stelde dat de verklaring van de collega onvoldoende bewijs was en dat de strafvervolging wegens gebrek aan bewijs was geseponeerd. De voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam oordeelde dat het plichtsverzuim voldoende was vastgesteld en de straf proportioneel was.
In hoger beroep verzocht verzoeker om schorsing van het ontslagbesluit. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat er voldoende spoedeisend belang was, maar dat er geen redelijke mate van waarschijnlijkheid was dat het ontslagbesluit zou worden vernietigd. De verklaring van de collega en het onderzoek werden als betrouwbaar beschouwd, en het eerdere integriteitsschendingbeleid en eerdere waarschuwing van verzoeker versterkten het oordeel. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het ontslag wegens plichtsverzuim wordt afgewezen.