ECLI:NL:CRVB:2004:AO4686
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Toerekening en terugvordering schadevergoeding bij bijstandsuitkering na verkeersongeval
Gedaagde kreeg vanaf 1994 bijstand na een verkeersongeval in 1990, waarbij hij arbeidsongeschikt raakte. In 1997 ontving hij een aanbod voor een schadevergoeding van Centraal Beheer (CB), bestaande uit materiële kosten, smartengeld en verlies aan verdiencapaciteit. De gemeente Hellendoorn vorderde in 2000 terugbetaling van bijstand die zij had verstrekt, omdat gedaagde aanspraak had op deze schadevergoeding.
De rechtbank had het terugvorderingsbesluit van de gemeente bevestigd, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt dit besluit. De Raad stelt dat de aanspraak op schadevergoeding moet worden toegerekend aan de periode vanaf het ongeval in 1990, niet alleen aan de periode waarin bijstand werd ontvangen (1994-1998). Hierdoor is de terugvordering onjuist berekend.
De Raad oordeelt dat gedaagde vanaf 21 april 1991 daadwerkelijk inkomensverlies leed en dat de vergoeding vanaf die datum moet worden toegerekend. De gemeente moet een nieuw besluit nemen waarbij de vergoeding correct wordt toegerekend en alleen het relevante deel wordt teruggevorderd. Tevens veroordeelt de Raad de gemeente in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering van bijstand wordt vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen met correcte toerekening van de schadevergoeding.