ECLI:NL:CRVB:2004:AO2504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens arbeidsongeschiktheid en onderzoek herplaatsingsmogelijkheden
Appellante, werkzaam bij de gemeente Hardenberg, werd ontslagen wegens ongeschiktheid voor haar functie door ziekte. De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit wegens strijd met artikel 7:9 Awb Pro, maar liet de rechtsgevolgen van het ontslag in stand.
In hoger beroep staat centraal of de werkgever voldoende onderzoek heeft gedaan naar herplaatsingsmogelijkheden. Appellante stelde dat zij nog wel werkzaamheden kon verrichten en onvoldoende gelegenheid had gekregen dit te bewijzen. De gemeente stelde dat appellante volledig arbeidsongeschikt was volgens de WAO en daarom geen herplaatsingsonderzoek nodig was.
De Raad oordeelde dat het bestuursorgaan het herplaatsingsonderzoek nauwgezet moet uitvoeren, zeker gezien de ingrijpende gevolgen van ontslag wegens arbeidsongeschiktheid. Omdat appellante in 1998 nog werkzaamheden verrichtte en reïntegratiegesprekken voerde, was zij niet volledig arbeidsongeschikt. De summiere informatie van USZO en het ontbreken van medisch onderbouwd onderzoek naar herplaatsingsmogelijkheden waren onvoldoende. Daarom vernietigde de Raad het besluit om de rechtsgevolgen van het ontslag in stand te laten en veroordeelde de gemeente tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het besluit om de rechtsgevolgen van het ontslag in stand te laten wordt vernietigd en de gemeente moet een nieuw besluit nemen na adequaat herplaatsingsonderzoek.