ECLI:NL:CRVB:2003:AO1382
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling medeberekening overwerk, onkostenvergoeding en feestdagentoeslag bij WAO-dagloon
Appellant betwistte de vaststelling van zijn WAO-dagloon per 22 september 1994, omdat overwerk, een onkostenvergoeding en een feestdagentoeslag naar zijn mening ten onrechte buiten beschouwing waren gelaten. De rechtbank oordeelde dat overwerkuren die gecompenseerd zijn met extra vrije dagen niet als overwerk in de zin van het bijzonder dagloonbesluit kunnen worden meegeteld. Ook achtte de rechtbank de onkostenvergoeding niet als verkapt loon bewezen en stelde vast dat de feestdagentoeslag niet gewoonlijk werd verdiend tijdens arbeid op feestdagen.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze beoordeling. De Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie dat gecompenseerde overuren behoren tot de normale werktijd en niet meetellen bij het dagloon. De onkostenvergoeding werd als reële vergoeding voor kleine kosten aangemerkt, niet als loon. De feestdagentoeslag werd niet meegerekend omdat deze niet structureel verband hield met arbeid op feestdagen.
De Raad concludeert dat het hoger beroep faalt en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor toepassing van bijzondere bestuursrechtelijke bepalingen. De beslissing op bezwaar was onvoldoende gemotiveerd omtrent de feestdagentoeslag, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van het WAO-dagloon bevestigd.