ECLI:NL:CRVB:2003:AO0383
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K. Zeilemaker
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen pensioenknip compensatie
Appellant, een voormalig luchtverkeersleider met functioneel leeftijdsontslag, verzocht om compensatie voor een in 1993 ontstane pensioenknip. Gedaagde, het Bestuur van Luchtverkeersleiding Nederland, weigerde deze compensatie bij besluit van 7 maart 1997. Na een advies van KPMG en daaropvolgende correspondentie, waaronder een brief van 27 januari 2000 waarin het bestuur haar standpunt bevestigde, maakte appellant bezwaar. Dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn en omdat het bezwaar niet was gericht tegen een besluit als bedoeld in artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de brief van 27 januari 2000 het primaire besluit bevatte en dat de brief van 4 april 2000 slechts een herhaling was, waardoor deze niet vatbaar was voor bezwaar. De Raad vond dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was, aangezien hij na kennisname op 13 april 2000 ruim vijf weken wachtte met het indienen van bezwaar.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en zag geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, waarmee het bezwaar definitief niet-ontvankelijk bleef.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant tegen de weigering van compensatie voor de pensioenknip is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.