ECLI:NL:CRVB:2003:AN9838
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling besluit dienstongeval en bezwaarprocedure politieregio Brabant-Noord
Appellant, aspirant-politiemedewerker, raakte op 15 september 1998 tijdens een opleiding fysiek gewond. De politieregio Brabant-Noord kwalificeerde dit ongeval op 14 maart 2001 als een dienstongeval volgens het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). Appellant maakte bezwaar tegen deze kwalificatie en de wijze van besluitvorming, met name tegen de lange duur van de procedure.
De rechtbank 's-Hertogenbosch oordeelde dat de beslissing geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was en verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk. De Centrale Raad van Beroep stelt echter dat het besluitkarakter wel aanwezig is, omdat het gevolgen heeft voor vergoedingen op grond van artikel 54 Barp Pro.
De Raad vernietigt het bestreden besluit van 31 oktober 2001 wegens onterechte niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar van 19 augustus 2001 en verklaart het bezwaar tegen het dienstongevalbesluit ongegrond. Tevens oordeelt de Raad dat de trage besluitvorming een zorgvuldigheidsgebrek vormt, maar dat appellant daardoor niet is benadeeld. De politieregio wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het dienstongevalbesluit wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit van 31 oktober 2001 wordt vernietigd wegens onterechte niet-ontvankelijkverklaring.