ECLI:NL:CRVB:2003:AJ6836
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- T. Hoogenboom
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag burgerambtenaar Ministerie van Defensie wegens onbekwaamheid
Appellante was burgerambtenaar bij het Ministerie van Defensie en werd ontslagen op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid, anders dan op basis van ziels- of lichaamsgebreken. Dit ontslag volgde na een langdurig arbeidsconflict en een definitieve wijziging van werktijden waartegen appellante zich verzette. Een bedrijfsarts oordeelde dat appellante blijvend situatief arbeidsongeschikt was, zonder dat sprake was van ziekte.
Na mislukte herplaatsingspogingen verleende de werkgever het ontslag. Appellante maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank bevestigde het ontslag en oordeelde dat de situatieve ongeschiktheid voortkwam uit een arbeidsconflict en persoonlijkheidskenmerken van appellante. De rechtbank vond de herplaatsingsinspanningen voldoende en verwierp de stelling dat sprake was van medische ongeschiktheid.
In hoger beroep voerde appellante aan dat de feiten onjuist waren weergegeven, dat voor andere vrouwelijke collega's wel functies waren gevonden, dat de herplaatsingsinspanningen onvoldoende waren, en dat zij wegens nek- en schouderklachten in de Ziektewet had gezeten. De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank, vond de herplaatsingsinspanningen niet onvoldoende, en stelde vast dat appellante geen objectief medisch bewijs had geleverd voor haar klachten. De Raad bevestigde de uitspraak en het ontslagbesluit.
Uitkomst: Het ontslag van de burgerambtenaar wegens onbekwaamheid wordt bevestigd door de Centrale Raad van Beroep.