ECLI:NL:CRVB:2002:AF9412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Premieplichtig loon bij voordeel uit concern-aandelenplan volgens Coördinatiewet Sociale Verzekering
In deze zaak stond centraal of het voordeel dat werknemers genoten uit een aandelenplan van de moedermaatschappij binnen een concern als premieplichtig loon in de zin van artikel 4 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV) moet worden aangemerkt. De moedermaatschappij bood werknemers wereldwijd de mogelijkheid aandelen tegen een gereduceerde prijs te kopen, waarbij de uitgifte en administratie via de Deense moedermaatschappij en een bank verliepen.
De gedaagden hadden slechts een beperkte rol, zoals het verspreiden van brochures en het uitvoeren van een extra loonrun, maar hadden volgens de Raad wel wetenschap van het aandelenplan. De rechtbank had eerder geoordeeld dat er geen sprake was van loon omdat het een eenmalige gebeurtenis betrof en de gedaagden geen directe rol hadden in het verstrekken van het voordeel.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat het voordeel met medeweten van de werkgever werd verstrekt en dat dit binnen concernverband gelijkgesteld moet worden aan verstrekking in opdracht van en voor rekening van de werkgever. Daarmee kwalificeert het voordeel als premieplichtig loon volgens artikel 4 CSV Pro. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en het beroep van gedaagden werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het voordeel uit het aandelenplan wordt als premieplichtig loon aangemerkt en het beroep van gedaagden wordt ongegrond verklaard.