ECLI:NL:CRVB:2002:AE6829
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Uitkering uit collectieve ongevallenverzekering vormt loon uit tegenwoordige dienstbetrekking
Appellante, een werkgever, betwistte de correctienota's van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarin premies werden nageheven over uitkeringen uit een collectieve ongevallenverzekering voor de jaren 1993 tot en met 1996. De uitkeringen werden door het UWV als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking aangemerkt en daarmee premieplichtig.
De rechtbank had het bezwaar tegen de registratie van een administratief verzuim gegrond verklaard, maar de correctienota's gehandhaafd. Appellante voerde aan dat de uitkeringen loon uit vroegere dienstbetrekking zijn, omdat deze geen verband houden met verrichte arbeid in een bepaald tijdvak, en beriep zich op arresten van de Hoge Raad en het gelijkheidsbeginsel.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de wetgever met de Coördinatiewet Sociale Verzekeringen (CSV) expliciet heeft beoogd de uitkeringen zelf, en niet de aanspraken daarop, tot het premieplichtig loon te rekenen. De uitkeringen zijn direct verbonden aan het dienstverband en worden ook tijdens het dienstverband uitgekeerd. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het verbod op willekeur werd verworpen omdat geen sprake is van willekeurige toepassing.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitkeringen uit de collectieve ongevallenverzekering vormen loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en zijn premieplichtig.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitkeringen uit de collectieve ongevallenverzekering worden als premieplichtig loon uit tegenwoordige dienstbetrekking aangemerkt.