ECLI:NL:CRVB:2002:AE6159
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- F.P. Zwart
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake verzekeringsplicht Ziektewet bij niet-rechtmatig verblijf
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep van gedaagde tegen een besluit van het Uwv gegrond verklaarde. Het besluit van 23 oktober 1998 stelde dat gedaagde wegens niet-rechtmatig verblijf in Nederland en het verrichten van arbeid zonder vergunning niet verzekerd was op grond van de Ziektewet en andere werknemersverzekeringen.
De rechtbank had het besluit vernietigd en de rechtsgevolgen van het besluit met ingang van 24 oktober 1998 in stand gelaten, omdat strikte toepassing van de Koppelingswet in strijd zou zijn met het rechtszekerheidsbeginsel. Het hoger beroep richtte zich tegen deze overweging.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het Uwv gehouden was de rechtsgevolgen van de Koppelingswet per 1 juli 1998 te laten intreden en dat geen sprake is van strijd met het ongeschreven recht, omdat geen aantasting van belangen van gedaagde is gebleken. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd voor zover aangevochten en het beroep van gedaagde ongegrond verklaard.
De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding aan gedaagde. Gedaagde heeft geen hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank, waardoor de Raad niet toekomt aan de beoordeling van de bezwaren tegen die uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd voor zover aangevochten.