ECLI:NL:CRVB:2002:AD9823
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling pensioenregeling en premieheffing over wachtgeldperiode wethouder
Eiser, een voormalig wethouder, stelde beroep in tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders om een wachtgeldperiode van 12 april 1994 tot 1 januari 1995 niet als voor pensioen geldige tijd aan te merken, ondanks dat over deze periode pensioenpremies waren ingehouden. Eiser voerde aan dat door deze premieheffing een gerechtvaardigde verwachting was gewekt dat deze periode meetelde voor pensioenopbouw. Tevens stelde hij dat de pensioenregels moeilijk toegankelijk waren en dat de voorlichting door verweerder tekortschiet.
Verweerder stelde dat de premieheffing een administratieve fout betrof en dat de geldende pensioenverordening duidelijk was, zodat geen rechtens te honoreren verwachting kon worden ontleend aan de fout. Ook wees verweerder erop dat eiser als wethouder betrokken was geweest bij wijzigingen van de pensioenverordening en dat actieve voorlichting destijds minder gebruikelijk was.
De Raad oordeelde dat het niet aanmerken van de wachtgeldperiode als pensioenopbouwtijd in overeenstemming is met de geldende verordening. De foutieve premieheffing kon niet leiden tot een rechtens te honoreren verwachting. Bovendien rust op de belanghebbende zelf de verantwoordelijkheid om zich adequaat te informeren over zijn pensioenregeling. Gezien deze overwegingen verklaarde de Raad het beroep ongegrond en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van de voormalig wethouder wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet-erkentenis van de wachtgeldperiode als pensioenopbouwtijd blijft in stand.