ECLI:NL:CRVB:2001:BJ7411
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinair ontslag wegens weigering werkzaamheden na reorganisatie
Appellant was werkzaam bij het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en werd na een reorganisatie geplaatst in een nieuwe functie die hij als niet passend beschouwde. Ondanks medische keuringen die hem geschikt verklaarden voor aangepast werk, weigerde hij zijn werkzaamheden te hervatten. Gedaagde zette daarop zijn bezoldiging stop en legde uiteindelijk disciplinair ontslag op wegens ongeoorloofde afwezigheid.
Appellant voerde aan dat de nieuwe functie afweek van zijn oude functie en dat de reistijd en reiskosten onredelijk waren. De Raad oordeelde echter dat de functie passend was, mede gelet op de inhoud en het niveau van de functie, en dat de reistijd geen beletsel vormde gezien het flankerend beleid van gedaagde. De medische onderzoeken toonden geen geldige reden voor weigering van werkhervatting.
De Raad achtte het ontslag proportioneel en rechtmatig, omdat appellant bewust het risico nam door niet te werken en niet te voldoen aan herhaalde verzoeken. Het beroep tegen het besluit tot ontslag werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het disciplinair ontslag wegens weigering werkzaamheden te hervatten na reorganisatie.