ECLI:NL:CRVB:2001:AD8054
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling premieloon autoregeling werknemers in het kader van de Coördinatiewet Sociale Verzekering
Het geschil betreft de vraag of de door gedaagde gehanteerde autoregeling voor haar personeel over de jaren 1993 tot en met 1997 terecht is meegenomen in het premieloon voor sociale verzekeringspremies. Appellant, het Landelijk instituut sociale verzekeringen, had de correctienota's opgelegd waarin de korting op de handelsprijs van lease-auto's en een jaarlijkse betaling van f. 500,-- aan werknemers als loon werden gerekend.
De rechtbank had het bezwaar van gedaagde gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. De Raad stelt vast dat de korting op de handelsprijs tot 1 januari 1995 geen product uit het bedrijf van de werkgever betreft en dat de korting daarom terecht tot het premieloon is gerekend. Dit volgt uit de richtlijnen en het arrest van de Hoge Raad van 15 december 1999.
Verder oordeelt de Raad dat de vanaf 1995 uitgekeerde jaarlijkse betaling van f. 500,-- aan werknemers loon in geld is en derhalve eveneens terecht in het premieloon is opgenomen. De Raad vernietigt de eerdere uitspraak en verklaart het beroep van gedaagde ongegrond. Er zijn geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Tegen deze uitspraak staat cassatie open, maar alleen ter zake van schending van specifieke artikelen van de Coördinatiewet Sociale Verzekering.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak vernietigd; de korting en jaarlijkse betaling zijn terecht tot het premieloon gerekend.