ECLI:NL:CRVB:2001:AD4518
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.J. Simon
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens sociale werkvoorziening
Het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) trok de AAW-uitkering van gedaagde in omdat zij volgens het Lisv minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn en inkomsten uit arbeid had. Gedaagde werkte in het kader van de Jeugdwerk Garantiewet (JWG) in afwachting van een dienstverband in de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW).
De rechtbank verklaarde het beroep van gedaagde tegen het intrekkingsbesluit gegrond en vernietigde het besluit. Het Lisv ging in hoger beroep, stellende dat het loon van gedaagde niet uit WSW-arbeid kwam, maar uit JWG, waardoor de uitzondering op intrekking niet van toepassing zou zijn.
De Raad oordeelde dat arbeid verricht bij wijze van sociale werkvoorziening, zoals in dit geval, buiten beschouwing moet blijven bij de toepassing van artikel 5, zevende lid, AAW. Het Lisv had ten onrechte de uitkering ingetrokken. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank, vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde het Lisv in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de AAW-uitkering wordt vernietigd en de appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.