ECLI:NL:CRVB:2001:AB2541
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Vernietiging disciplinaire berisping wegens plichtsverzuim ambtenaar politie
Appellant, een brigadier bij de politieregio Gelderland Midden, werd na een onderzoek naar ongewenst gedrag binnen zijn werkeenheid bestraft met een schriftelijke berisping wegens plichtsverzuim, waaronder seksuele intimidatie. Het onderzoek werd uitgevoerd door een extern adviesbureau dat een uitgebreid rapport opstelde met conclusies over het functioneren en gedrag van appellant.
Appellant betwistte de conclusies en stelde dat het onderzoek onzorgvuldig was en onnodig inbreuk maakte op zijn persoonlijke levenssfeer. De Raad oordeelde dat het onderzoek en het daarop gebaseerde besluit niet voldeden aan de vereiste zorgvuldigheid en dat het besluit niet op een deugdelijke feitelijke grondslag berustte.
De Raad vond onvoldoende bewijs voor seksuele intimidatie en stelde dat de wijze van onderzoek en de conclusies van het rapport onvoldoende betrouwbaar waren. Ook werd geoordeeld dat appellant niet concreet en duidelijk was medegedeeld welk plichtsverzuim hem werd verweten, wat in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel.
Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de politieregio Gelderland Midden tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot schriftelijke berisping wegens plichtsverzuim wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid en bewijs.