ECLI:NL:CRVB:2001:AB1659
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- F.P. Zwart
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over inkomenskorting toeslag AOW wegens arbeid echtgenote
Appellant ontving een toeslag op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) voor zijn echtgenote, waarbij de Sociale Verzekeringsbank een bedrag aan inkomen uit arbeid van de echtgenote in mindering bracht, naast een korting wegens niet-verzekerde jaren. Appellant betwistte deze dubbele korting.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de gecombineerde kortingen niet strijdig zijn met rechtsregels. Wel stelde de Raad vast dat het Inkomensbesluit AOW 1996 geen grondslag biedt om het inkomen van de echtgenote in mindering te brengen op de toeslag, mede gelet op eerdere uitspraken over soortgelijke buitenlandse pensioenuitkeringen.
De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit voor zover het de inkomenskorting betreft en veroordeelde de Sociale Verzekeringsbank tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De korting wegens niet-verzekerde jaren bleef onbetwist en rechtmatig.
Uitkomst: Het besluit tot inkomenskorting op de AOW-toeslag wegens arbeid van de echtgenote wordt vernietigd.