ECLI:NL:CRVB:2001:AB0718
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- F.P. Zwart
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Beslissing over verzoek aansluiting Duitse ziektekostenverzekering en besluitkarakter SVB
A ontvangt zowel een Nederlandse als een Duitse sociale-verzekeringsuitkering wegens arbeidsongeschiktheid en wenst onder het Duitse ziektekostenverzekeringsstelsel te vallen. De SVB heeft namens A geprobeerd een overeenkomst te bereiken met het Duitse orgaan op grond van artikel 17 van Pro EG-verordening 1408/71, maar dit is niet gelukt. De SVB heeft A bij brief van 3 januari 1996 medegedeeld dat hij vanaf 1 januari 1996 onder de Nederlandse wetgeving blijft vallen.
A maakte bezwaar tegen deze mededeling, dat bij besluit van 3 december 1996 ongegrond werd verklaard. De rechtbank oordeelde dat de brief van 3 januari 1996 geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro bevatte en verklaarde het beroep van A gegrond. De Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en stelt dat de brief wel een besluit is volgens artikel 1:3 Awb Pro.
De Raad overweegt dat het handelen van de SVB beperkt is tot het afwegen van het gebruik van bevoegdheid op grond van artikel 17 van Pro de Verordening en het streven naar overeenstemming met het Duitse orgaan. De SVB kan niet bewerkstelligen dat de Duitse wetgeving op A van toepassing wordt. Daarom verklaart de Raad het beroep van A niet-ontvankelijk en het hoger beroep van de SVB eveneens niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van A wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de SVB geen Duitse wetgeving kan toepassen en de brief van 3 januari 1996 als besluit wordt aangemerkt.